Posts gesorteerd op datum tonen voor zoekopdracht ruimtevaart. Sorteren op relevantieAlle posts tonen
Posts gesorteerd op datum tonen voor zoekopdracht ruimtevaart. Sorteren op relevantieAlle posts tonen

dinsdag 9 december 2025

Iets maken


Ik herinner me nog goed mijn eerste werkdagen als pas afgestudeerd ingenieur bij den Bell. De ruimtevaartafdeling waar ik terecht kwam, bestond uit jonge ingenieurs en oudere werknemers die vaak zonder diploma vakkennis en ervaring hadden kunnen verwerven. Ze vertelden me: “Je zal hier ‘iets leren maken’ en je zal ontdekken wat daar allemaal bij komt kijken en hoe lastig dat is.”

“Den Bell” was nog een echt OEM bedrijf, een zogenaamde Original Equipment Manufacturer. De producten van Bell werden daar bedacht, uitgetekend, vervaardigd, getest, verkocht en ondersteund naar de klant. Later in mijn loopbaan leerde ik nog twee andere bedrijven kennen in de satellietnavigatie die ook zelf hardware en/of software ontwikkelen voor toestellen die ze daarna zelf op de markt brengen. Het zijn deze bedrijven die ‘par excellence’ de weerbaarheid van onze economie in stand houden. Ze verdienen een bijzondere erkenning en bescherming, want het is een hard bestaan.

De jobs in dit soort bedrijven die nog ‘iets maken’, behoren tot de meest uitdagende in de arbeidsmarkten van ingenieurs en technici. Het gaat over systeemkennis, analoge en digitale elektronica, software, mechanische opbouw, enzoverder. De toestellen moeten vaak onder de meest diverse omstandigheden kunnen blijven werken en dat moet allemaal getest worden. Het duurt dan ook jaren om dergelijk vakmanschap op te bouwen, maar de volatiele job markten laten dat niet altijd toe. Onze hoge loonkosten maken dat onze ingenieurs comfortabeler aan de slag kunnen in banken dan in de industrieën waar hun kunde werkelijk betekenis krijgt. Een goede maatregel zou zijn om negatieve belastingen te heffen bij de werknemers van deze industrieën.

Ik verwijs ook naar mijn blogs: the Engineers Courageous Mastery en Ode to Industry.

Image by dujin yun from Pixabay

dinsdag 10 december 2024

Ode aan de ruimtevaart


Ik had al een ode aan de luchtvaart, maar nog geen ode aan de ruimtevaart. De ruimtevaart ligt een beetje in het verlengde van de luchtvaart en er zijn veel raakvlakken. In het Engels spreken we soms over aerospace om beide disciplines aan te duiden.

De ruimtevaart bevindt zich nog in een pionierstijd, net zoals de luchtvaart een eeuw geleden. Een eeuw geleden was het ook nog riskant in een vliegtuig te stappen. Voor bemande ruimtevaart is vandaag nog steeds een dosis heldenmoed nodig. Maar je kan ook pionier of avonturier zijn door aan een ruimtevaartonderneming te werken. Mijn ode aan de ruimtevaart, zo was te verwachten, is weer een ode aan de deugd geworden. Een ode aan de durf is nog het meest van toepassing.

Het doet wat denken aan Terre des Hommes en Vol de Nuit van Antoine de Saint-Exupéry, die zelf een pionier was. “Guillaumet…, vivant!” is het zinnetje dat me het meest bijgebleven is uit mijn humaniora, want ik was toen zelf een kleine Guillaume.

Moed is niet hetzelfde als dapperheid, maar er is een verband. Moed is volgehouden dapperheid. Dapperheid zegt iets over het moment in de strijd. Dapperheid is een ogenblikkelijke positieve attitude in het gevaar, waarbij men de confrontatie aangaat met het onbekende, in weerwil van de angst over het eigen voortbestaan (fysisch of mentaal). Moed is een karaktersterkte die men verwerft doorheen volgehouden dapperheid. In de wiskunde zeggen we dat moed de integraal is van dapperheid.  

Ik verwijs naar mijn vorige blogs over ruimtevaart.

Afbeelding van WikiImages via Pixabay

dinsdag 17 september 2024

De Droom van de Zwijger


De Benelux is gelegen in een lager gedeelte van Europa waar 3 grote Europese rivieren samenvloeien in de Noordzee: de Schelde, de Maas en de Rijn. Er wonen maar liefst 29 miljoen inwoners in talrijke relatief kleine steden die goed met elkaar verbonden zijn. Die steden hebben een woelige maar roemrijke geschiedenis en sommige hebben nog altijd een bloeiende economie. De Benelux was de grote voortrekker in de Europese gedachte en de Europese initiatieven. Dat is logisch gezien de grote schaalvoordelen die de Europese initiatieven aan onze relatief kleine landen leverden.

Door zo hoog in te zetten op die Europese gedachte ging de aandacht voor de Benelux zelf enigszins achteruit. Ten onrechte, want de globalisering gaat nu een beetje in de omgekeerde richting en de grootmachten Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk plooien nu meer en meer op zichzelf terug. Daardoor dreigen de kleine landen de samenwerkingsvoordelen mis te lopen. In domeinen als ruimtevaart en defensie is die Europese samenwerking allernoodzakelijkst. Maar de Benelux kan ook zelf de rol van grootmacht opnemen.

Vandaag dinsdag 17 september 2024 werd te Noordwijk Nederland een samenwerkings-akkoord gesloten tussen de ruimtevaart industrie associaties in de Benelux. Uw dienaar mocht daar medewerker en getuige van zijn.

Ik verwijs ook naar mijn blogs: Het Beloofde Land van Willibrord, Naderbij Nederland en De verloren droom van Pieter Gillis.

Foto: genomen te Noordwijk-aan-Zee Wim Lahaye ©17/9/2024

dinsdag 7 november 2023

Het beloofde land van Willibrord


Zoals Mozes op het einde van zijn leven vanop de Neboberg naar het Beloofde Land mocht kijken, zo mocht Willibrord van Utrecht op het einde van zijn leven vanuit de abdij van Echternach naar de Lage Landen kijken. Mozes mocht zijn beloofde land niet in omdat hij gezondigd had, maar Willibrord kon met voldoening naar het zijne kijken. Hij had een deel van het gebied tot bij de Friezen gekerstend; het was een goddelijke opdracht die al even onmogelijk en gevaarlijk leek als die van Jona. Die Lage Landen (zeg maar de Benelux) vormen vandaag misschien nog geen staat, maar ze vormen wel een land van melk en honing voor bijna 29 miljoen mensen. De Orde van den Prince ziet die Lage Landen als een cultureel geheel. Vandaag 7 november is de feestdag van Sint-Willibrord, apostel van de lage landen, en we kunnen deze dag dus min of meer beschouwen als de jaarlijkse dag van de Benelux.

De Benelux wint terug aan belang. Dat komt door de nieuwe geopolitieke context. Nu de naties terug op zichzelf plooien voor autonomie, veiligheid en defensie, staan de kleine landjes zwak tegenover de grote. Die groten (Frankrijk, Duitsland, Verenigd Koninkrijk) vinden dat prima zo, en willen uit eigenbelang vooral geen toenadering aanmoedigen tussen België, Nederland en Luxemburg. Meer samenwerking binnen de Benelux leidt nochtans tot verhoging van de kritische massa en schaalvoordelen in de industrie. Bovendien heeft lokale samenwerking in een stedengebied enorme voordelen als daar een goede logistiek mogelijk is. Binnen de Benelux zou men in luchtvaart, ruimtevaart en defensie kunnen samenwerken. De Benelux zou een sterke speler zijn in de wedijver tussen de naties. Met de Benelux kunnen we zelfs een WK voetbal winnen, zoals eerder besproken in Naderbij Nederland.

Echternach is een leuk stadje in een bosrijk gebied aan de rivier Sauer in het Groothertogdom Luxemburg. Het stadje was populair bij de vrienden van Van Schoonbeke in de roman 'Kaas' van Willem Elsschot. Nu is de stad vooral populair bij kampeerders en motards. Nederlands wordt er vaker gesproken dan Luxemburgs.

Foto: Standbeeld St. Willibrord bij de Abdij van Echternach, 2018©Wim Lahaye

dinsdag 12 juli 2022

Voorbij de maan

Dit boek van Cynrik De Decker draagt als ondertitel ‘België en de ruimtevaart’. Het boek beschrijft het merkwaardige parcours dat enkele landgenoten afgelegd hebben in de wereldwijde ruimte-vaartgeschiedenis. Het gaat telkens over namen die nog niet zo goed bekend zijn bij het grote publiek en dat maakt het boek natuurlijk interessant. Weliswaar heeft de Space Expo in Antwerpen iets aan die bekendheid veranderd, maar het is net daar dat ik dit boek kocht.

Karel Bossart was een pionier in lucht- en ruimtevaart-technieken. Hij was de belangrijkste ingenieur van de Atlas raketten die de eerste Amerikaanse astronauten in de ruimte brachten. Zijn levensverhaal dat hem bracht van de Kalmthoutse heide naar San Diego is werkelijk merkwaardig. Je vindt in dit verhaal ook iets over de geschiedenis van het Von Karman Instituut in Sint-Genesius-Rode dat wereldvermaard is in aerodynamica, de sleutelwetenschap van de luchtvaart zeg maar. Zijn levensverhaal zegt ook iets over de ontstaansgeschiedenis van wat we nu Cape Canaveral of Cape Kennedy noemen, de meest bekende lanceerbasis ter wereld. In het boek citeert de auteur een interview met Karel Bossart waarin men hem vraagt wat het uiteindelijke doel is van de ruimtevaart. Zal het leven van de mens er beter door worden? Zijn antwoord is logisch: dat hangt ervan af. Als we onder een beter leven verstaan: betere radio's en betere televisies dan was zijn antwoord volmondig ja. Maar het is duidelijk dat een beter leven meer betekent dan dat.

In het boek vind je ook het verhaal van de Antwerpse kunstenaar Paul Van Hoeydonck die het eerste kunstwerk op de maan leverde. Het boek legt ook uit waarom dit merkwaardige feit zo weinig gekend is bij het grote publiek.

We kunnen deze samenvatting niet beter besluiten dan met het citaat van Plutarchus dat in het boek te vinden is: “De geest is geen vaas om te vullen maar een vuur om te ontsteken”.

Ik verwijs ook naar mijn blogs: The Why of Technology, Visit to the Udvar-Hazy Center en naar de Verovering van de ruimte.

dinsdag 7 juni 2022

De verovering van de ruimte

De tentoonstelling ‘Space – The Human Quest’ in Antwerpen neemt de bezoeker even mee op de belangrijkste ontdekkingstochten in onze relatief recente ruimtevaartgeschiedenis van 75 jaar. Wie daar zoals ik een blijvende herinnering aan wil bewaren, kan het bijhorende boek van Jürgen Ingels en Jeroen Verelst kopen.  Grote ontdekkingsreizen brengen altijd spannende en vermakelijke verhalen voort. Dat was eeuwen geleden al zo in de scheepvaart en het is vandaag zeker ook zo in de ruimtevaart. Zelfs in ons eigen leven leveren de grote reizen vaak de beste verhalen op.

De wedijver tussen de naties maakt dat we misschien niet alles weten. Erg spannend was het  verhaal van Aleksei Leonov die bij zijn eerste ruimtewandeling nauwelijks terug in de cabine geraakte omdat zijn ruimtepak teveel gezwollen was. Merkwaardig welke fouten je kan maken als je iets nooit eerder gedaan hebt en dan maakt het niet uit of je technicus-ontwerper, wetenschapper of astronaut bent. Ook de afgebroken tuimelschakelaar in de maanlander van Apollo 11 moet bloedstollend geweest zijn voor de astronauten.

Het boek werpt ook een licht op de uitdagingen die ons nog te wachten staan, als we spoedig terug naar de maan gaan, en als we daarna naar Mars gaan. De strafste verhalen moeten dus nog komen.

Ik verwijs ook naar mijn vorige blog: “Iedereen Ruimtevaarder”.

dinsdag 31 mei 2022

Iedereen Ruimtevaarder

Nancy Vermeulen gelooft in het belang van de bemande ruimtevaart voor de gehele mensheid. Zoals de luchtvaart een eeuw geleden toegankelijk gemaakt werd, zo moet ook nu de ruimtevaart toegankelijk worden, en wel voor iedereen. De motivatie is niet alleen de materiële vooruitgang die de ruimtevaart met zich meebrengt, er is ook de overleving van de mensheid op de lange termijn. En er is ook een spirituele dimensie: het is gewoon de aard van de mens om nieuwsgierig te zijn, grenzen te verleggen en het universum te exploreren.

Dit boek is tegelijk een persoonlijk verhaal waarbij de schrijfster haar streven in de richting van de sterren schetst via de sterrenkunde, een pilotenloopbaan en een astronauten-voorselectie. Ook de moeilijkheden komen in het boek aan bod, maar die wekken vaak de grootste bewondering op, tenminste bij hen die zelf al eens het voorrecht van moeilijkheden hebben mogen smaken.

Het boek schetst uitgebreid welk soort plannen er bestaan voor de volgende twintig jaar, zeg maar de tijd die de meesten van ons hopelijk nog zullen meemaken. Daarin is opgenomen: een terugkeer naar de maan, de bouw van een permanente basis en de eerste bemande vluchten naar Mars. De uitdagingen zijn natuurlijk enorm: logistiek, straling, afwezigheid van zwaartekracht, lichamelijke en geestelijke effecten, conflictbeheersing. Het zou ons moeten dwingen tot intensieve samenwerking. Maar aan het mogelijk gebrek aan samenwerking wordt ook niet voorbijgegaan. Zo is de space race tussen de naties en de vorming van space debris, eventueel met het Kessler syndroom als gevolg, een groeiend probleem.

Algemeen pleit de auteur voor samenwerking met mensen van een zeer uiteenlopende achtergrond (interdisciplinariteit en diversiteit). Tegelijk pleit zij voor hedendaagse managementculturen, met plaats voor kwetsbaarheid, autonomie en vertrouwen. Ik zie de principes weliswaar steeds meer openbaar verdedigd worden, maar de macho-cultuur in de industriële bedrijven blijft taai. Er zijn trouwens heel wat mannen die dat ook niet fijn vinden. Iedereen moet meewerken aan verbetering. Positieve tendensen zijn wel merkbaar.

Dit boek is sterk aanbevolen voor al wie belangstelling heeft voor de bemande ruimtevaart in een maatschappelijke context.

Ik verwijs ook naar mijn blog: Dreamers Who Do en naar de technology blogs op mijn Engelstalige weblog.

dinsdag 12 april 2022

Trends in de Ruimtevaart


Op deze internationale dag van de bemande ruimtevaart maak ik een overzicht van de actuele trends in mijn vakgebied. Eén daarvan, de wedijver tussen de naties, kwam drie weken geleden aan bod. Een overzichtsartikel van twee jaar geleden ging over de toepassingen van satellieten in het dagelijkse leven. 

Het artikel van vandaag verscheen op de website van Flanders Space. 

De foto toont de eerste lancering van het ruimteveer Columbia op 12 april 1981, ik werd die dag zestien jaar en volgde de gebeurtenis met grote belangstelling. (De Columbia heeft later, op 1 februari 2003, een fatale re-entry gemaakt, hetgeen geleid heeft tot het einde van het ruimteveerprogramma.) 

Foto van shutterstock.com


dinsdag 22 maart 2022

De wedijver tussen de naties


Hedendaagse politieke commentatoren hebben we het vaak over het verfoeilijke 19de-eeuwse nationalisme. Tegelijk moeten zij vaststellen dat we in de 21ste eeuw nog niet van dit beestje verlost zijn. Integendeel, hoe meer de leiders van de politieke grootmachten het nationalisme van kleinere staten proberen te onderdrukken, hoe meer die grootmachten zich zelf als bekrompen nationalistische staten beginnen te gedragen. De gevolgen zijn bekend.

Toch is er iets goeds aan de wedijver tussen de naties. Die wedijver is altijd al een grote bron van vooruitgang geweest. In Clearcutting the Earth suggereerde ik dat multinationals een grote bijdrage aan de vooruitgang hebben geleverd. Dat meen ik nog altijd maar de allergrootste sprongen in de vooruitgang overstegen de mogelijkheden van het privé-kapitaal. Ze waren gewoonlijk het resultaat van alle economische krachten in een samenleving tesamen. De wedijver tussen de naties was dan de motor van de vooruitgang.

Tijdens de Koude Oorlog slaagde Rusland erin een mens in de ruimte te sturen en de Verenigde Staten slaagden erin een team op de maan te krijgen. In de nieuwe wedijver tussen de naties heeft de ruimtevaart opnieuw een prominente plaats gekregen, in samenklank met de cyberveiligheid. Hetgeen opnieuw leidt tot grote vooruitgang in de ruimtevaart. Het is niet zeker dat ik het nog meemaak, maar mijn kinderen zullen normaal gezien de eerste mens op Mars zien verschijnen. En laten we hopen dat die eerste mens man of vrouw kan zijn.

Maar ook in die verfoeilijke 19de eeuw heeft de wedijver tussen de naties veel vruchten opgeleverd. De naties hebben koortsachtig gewerkt aan een dicht spoorwegnet waar we sinds the Great Continental Railway Journeys nog steeds gebruik van maken, zonder te beseffen hoeveel zweet en leed die spoorlijnen gekost hebben. In de 18de eeuw heeft de wedijver tussen de naties ons het huidige wegennet opgeleverd. In de 16de eeuw wedijverden de vorsten met gedetailleerde kaarten van hun vorstendommen. In de middeleeuwen overbluften de steden elkaar met kathedralen en belforten. Het zijn allemaal realisaties waarop ons dagelijks leven nog steeds gebouwd is. De wedijver tussen de naties heeft leed én vooruitgang gebracht.

Foto: Cape Canaveral Florida 1986 ©Wim Lahaye

dinsdag 15 maart 2022

Sustainable Development Goals


De sustainable development goals werden geformuleerd binnen de Verenigde Naties. Ze herinneren ons aan het feit dat we verantwoordelijk zijn voor het beheer van onze aarde. Het zijn doelstellingen waarnaar we kunnen streven in ons werk en in ons ganse dagelijkse leven. Wij zijn allemaal nog opgevoed met het idee dat het werk nodig is om een salaris te verdienen en om onze schulden met betrekking tot onze woning af te betalen. Voor het bedrijf was onze werkzaamheid vooral nodig om winst te maken. SDS’s leken vroeger een interessedomein van een vrolijk gezelschap met geitenwollen sokken.

Voor de aankomende generaties is dit totaal anders. Zij beseffen dat de SDG’s zo belangrijk zijn dat als ze niet gerealiseerd worden het weldra nog weinig zin heeft om te proberen je schulden af te lossen. SDG’s zijn dan geen extraatje meer maar bittere noodzaak. Tegelijk is het ook een goede zaak want ons werk krijgt een ruimere betekenis dan zakencijfers alleen. Grotere ondernemingen vestigen in hun rapporten vaak aandacht op SDG’s. In het begin leek dat wel op window dressing maar wellicht heeft het toch een positief effect gehad op het algemeen bewustzijn. Die grotere ondernemingen realiseren zich ook meer en meer dat de SDG’s belangrijk zijn voor de retentie van talentvolle jongeren binnen de onderneming.

Wie met technologie, in mijn geval met ruimtevaart, bezig is komt automatisch in aanraking met de SDG’s. Het komt er dan op aan die SDG’s niet te zien als een dwangmatig raamwerk maar ze te internaliseren als een heilig doel. Op lange termijn zullen de SDG’s ook de gezondheid van onze economie verbeteren. Wees een goede rentmeester van al je gaven.

Ik verwijs ook naar mijn blogs rond duurzaamheid en naar the Why of Technology.

Foto: Mijnsite Houthalen-Helchteren 2022 ©Wim Lahaye

dinsdag 13 april 2021

De Vlaamse Canon V – Bouwkunst


We hebben het al uitgebreid over architectuur gehad. Drie weken geleden bespraken we ook het landschap van Vlaamse steden in de schilderkunst. De bouwkunst heeft bij uitstek gestalte gegeven aan de macht van de Vlaamse steden. Het was de kunst waarmee de machtigen der aarde elkaar afsnoefden in die tijd. (Vandaag gebeurt dat met technologie en ruimtevaart, maar voor het overige is er niets nieuws onder de zon.)

  1. Onze burchten en kastelen, met het Gravensteen als illuster voorbeeld.
  2. Onze stadsgezichten met de "drie torens van Gent" als magnifiek voorbeeld.
  3. Onze belforten. Merkwaardig komen belforten wel veelvuldig voor in het oude graafschap Vlaanderen, maar duidelijk minder in het oude hertogdom Brabant, waar men eerder beroep deed op kerktorens. (Ik vermoed dat de keizer van het Heilig Roomse Rijk een hekel had aan machtsvertoon met belforten.) Het belfort van Brugge is weliswaar een elegant exemplaar, maar het mooiste belfort van Vlaanderen ligt volgens mij in Wallonië, het is het belfort van Bergen. Het tweede mooiste belfort van Vlaanderen ligt nu in Frankrijk: het is het belfort van Dowaai. Een licht barok tintje geeft een elegante verfijning aan de doorgaans eerder robuuste belforten.
  4. Onze stadhuizen, probably the finest town halls in the world schreef ik ooit voor mijn buitenlandse vrienden.
  5. Onze kathedralen en kathedraaltorens, met de toren van de OLV kathedraal in Antwerpen als mooiste toren in de lage landen. U weet misschien dat na de Franse Revolutie de St.-Lambertuskathedraal van Luik afgebroken werd. Wist u dat de afbraak van de Antwerpse kathedraal ook op het programma stond? Gelukkig hebben enkele burgers opzettelijk getreuzeld.
  6. Onze abdijen, o.a. de Norbertijnerabdijen van Park, Averbode, Grimbergen en een relatief onbekende parel: de Abdijkerk van Ninove.

Er is waarschijnlijk nog veel meer, ook in recentere tijden, maar daarvoor heb ik suggesties van anderen nodig.

Foto1: Claudine Van Massenhove / Shutterstock.com
Foto 2:
©Wim Lahaye
Foto 3: ©Wim Lahaye


dinsdag 10 maart 2020

De Bell Telephone Manufacturing Company

De Bell Telephone Manufacturing Company, beter bekend als “den Bell”, was een begrip in Antwerpen en daarbuiten. Meer dan een eeuw lang werden er telefoons en telefoon-centrales gebouwd, maar ook radios, televisies, postsorteermachines en allerlei soorten telecommunicatie-apparatuur. Zelf werkte ik van 1990 tot 1999 bij 'Alcatel Bell' in de ruimtevaart-afdeling, die nu in Hoboken verder leeft onder de naam Antwerp Space en in Berchem, onder de naam Celestia Antwerp. Onlangs las ik een herdenkingsboek over "den Bell" in de jaren 1882 – 1982.

Het bedrijf was merkwaardig omdat er zoveel hoog-technologische bedrijvigheid was, en wel in volle stad. Het gebouw met driehoekig grondplan achter de grote toren op het Francis Wellesplein was de dagelijkse werkplaats van duizenden ingenieurs, tekenaars, typisten, soldeerders, enz… In 1972 werkten er volgens het boek bijna vijftienduizend mensen, weliswaar in combinatie met meerdere nevenvestigingen in o.a. Hoboken, Kontich, Gent en Geel.

Maar zoals overal werd productie meer en meer geautomatiseerd en verhuisd naar het buitenland. Onderzoek en ontwikkeling bleven een belangrijke tewerkstelling maar na verloop van tijd moest ook die verdwijnen. Toen ik zelf begon in 1990, werkten er nog een drieduizend mensen. Toen ik wegging in 1999, nog 1800. Enkele jaren later werden de gebouwen aan het Francis Wellesplein en de Boudewijnsstraat overgelaten aan de Antwerpse stadsadministratie. Enkele honderden mensen hebben nu nog een andere werkplek in de buurt van het Centraal Station.

Het bedrijf had een eigen werksfeer door de mix van jonge ambitieuze academici en plezante Antwerpse sinjoren. Stress en straffe moppen wisselden elkaar af in de strijd om het dagelijkse bestaan. Het Antwerps was nogal eens de voertaal. Merkwaardig is ook hoe snel het commercieel belang van telefonie duidelijk werd na de uitvinding door de Schot Alexander Graham Bell. Ik vond in het gedenkboek deze prachtige foto van Francis Welles, de stichter van den Bell in Antwerpen. (Ik kende zijn naam alleen van het plein voor de toren.)

Sic transit gloria mundi.