Posts tonen met het label architectuur. Alle posts tonen
Posts tonen met het label architectuur. Alle posts tonen

dinsdag 27 januari 2026

De Schoonheid van Spoorwegstations II

Mooie samensmelting van architectuur, vakmanschap, reislust, ontdekkingshonger en doelgerichtheid. Verspil nooit de heerlijke tijd van het wachten in een prachtig treinstation.

Bremen:

Charleroi:

Leuven:


Luik:

Zie ook De Schoonheid van Spoorwegstations (deel I).

Foto Bremen: 21/11/2024 ©Wim Lahaye

Foto Charleroi: 30/4/2023 ©Wim Lahaye

Foto Leuven: met dank aan ©Gregory Michiels via Leuven KIJKEN EN ZIEN Fotografie

Foto Luik: 4/1/2025 ©Wim Lahaye

dinsdag 20 februari 2024

Land van Overvloed


Weinig landgenoten realiseren zich dat wij een land van overvloed hebben. Gunstige omstandigheden lieten toe dat relatief kleine riviersteden als Doornik zich een kathedraal van een kathedraal konden veroorloven. We schrijven dat graag toe aan de werklust in onze streken, maar we hebben vooral een enorm goede ligging in Europa. Net als in Italië ontstonden talrijke steden aan onze rivieren en die werden verbluffend rijk door de handel die hier ontstond.

In de wereld zijn bijna alle rivierdelta’s dicht bevolkt, weliswaar zijn ze niet allemaal rijk. Maar hier bij ons in de Lage Landen komen daar nog enkele voordelen bij. We huisvesten de hoofdstad van Europa, van de NAVO, en van zovele organisaties. We doen dat niet altijd efficiënt. Maar kenmerkend is dat we ons weinig bewust zijn van dit voordeel. Probeer je maar eens voor te stellen dat je een Europees project uitvoert vanuit een Balkanland. Brussel is dan heel ver en het reizen is heel duur.  We zijn hier in ons land echt wel te benijden.

Ik verwijs ook naar mijn blogs: “Strijd om de Stroom” en “Het beloofde land van Willibrord”.

Foto: Doornik 2023©Wim Lahaye

dinsdag 5 september 2023

Historische canon van Leuven

Edward De Maesschalck schreef een historische canon van Leuven, met de medewerking van Jenny Geysen en Francis Méan. Het is een boek waar je helemaal vrolijk van wordt. Het vertelt de belangrijkste wetenswaardigheden uit de Leuvense geschiedenis aan de hand van tekst en beeld. Wetenswaardigheden uit een verder verleden kunnen ook wel eens legendes zijn, zoals die van de Fiere Margriet. Meer algemeen komen alle zeven wonderen van Leuven aan bod. Maar deze canon gaat helemaal tot in onze tijd en dan gaat het toch meestal over waar gebeurde feiten.

Zo is er het waar gebeurde verhaal dat Napoleon ooit Leuven bezocht en dat hij daarbij in bewondering kwam te staan voor de classicistische voorgevel van het Pauscollege. De auteur vertelt en illustreert het allemaal met de sappige humor waarvoor hij in Leuvense kringen gekend is. Zo zie je in het boek hoe Napoleon vanuit de ramen aan overzijde van de toenmalige ‘s-Meiersstraat werd toegejuicht door de plaatselijke hoeren die daar in decolleté stonden. Aan Napoleons ijver om de plaatselijke wanorde op te ruimen zouden we in Leuven het Hogeschoolplein te danken hebben.

Op de geweldige voorpagina van het boek zien we Victor Hugo die zijn hoed moet afnemen in de sterke wind boven op één van de zes torens van het Leuvense stadhuis, eveneens een waar gebeurd verhaal. Ik zie het als een perfect scenario voor één van de volgende ‘secrets d’histoire’.

Dit boek is ook een ‘must-have’ voor al wie zich interesseert voor de ontstaansgeschiedenis van onze belangrijkste historische gebouwen. Die komen in de illustraties ook ruim aan bod, vaak in hun oorspronkelijke omgeving. Een legende is letterlijk wat moet gelezen worden en dit boek zou elke Leuvenaar moeten lezen en herlezen. Het zou misschien ook moeten liggen in het geschiedenislokaal van elke Leuvense school. Maar een canon beoogt ook altijd "het gesprek binnen de natie". Alleszins krijgen we met deze canon van Leuven een kans om een vriendelijk gesprek in de Leuvense gemeenschap te houden.

Ik verwijs graag naar mijn blog voor buitenlandse gasten: Why my Home Town Leuven is Worth a Visit.

dinsdag 24 januari 2023

De Schoonheid van Spoorwegstations

Mooie samensmelting van architectuur, vakmanschap, reislust, ontdekkingshonger en doelgerichtheid. Verspil nooit de heerlijke tijd van het wachten in een prachtig treinstation.

London Saint Pancras





Antwerpen - Centraal


New York

Ik verwijs ook naar mijn blogs "Train World" en "Braunschweig".

Foto's station Londen St Pancras: 2022 ©Wim Lahaye

Foto station Luik - Guillemins: 2022 ©Wim Lahaye

Foto station Antwerpen: Elena Kharichkina / Shutterstock.com

Foto New York Grand Central Terminal: 2015 ©Wim Lahaye

dinsdag 13 april 2021

De Vlaamse Canon V – Bouwkunst


We hebben het al uitgebreid over architectuur gehad. Drie weken geleden bespraken we ook het landschap van Vlaamse steden in de schilderkunst. De bouwkunst heeft bij uitstek gestalte gegeven aan de macht van de Vlaamse steden. Het was de kunst waarmee de machtigen der aarde elkaar afsnoefden in die tijd. (Vandaag gebeurt dat met technologie en ruimtevaart, maar voor het overige is er niets nieuws onder de zon.)

  1. Onze burchten en kastelen, met het Gravensteen als illuster voorbeeld.
  2. Onze stadsgezichten met de "drie torens van Gent" als magnifiek voorbeeld.
  3. Onze belforten. Merkwaardig komen belforten wel veelvuldig voor in het oude graafschap Vlaanderen, maar duidelijk minder in het oude hertogdom Brabant, waar men eerder beroep deed op kerktorens. (Ik vermoed dat de keizer van het Heilig Roomse Rijk een hekel had aan machtsvertoon met belforten.) Het belfort van Brugge is weliswaar een elegant exemplaar, maar het mooiste belfort van Vlaanderen ligt volgens mij in Wallonië, het is het belfort van Bergen. Het tweede mooiste belfort van Vlaanderen ligt nu in Frankrijk: het is het belfort van Dowaai. Een licht barok tintje geeft een elegante verfijning aan de doorgaans eerder robuuste belforten.
  4. Onze stadhuizen, probably the finest town halls in the world schreef ik ooit voor mijn buitenlandse vrienden.
  5. Onze kathedralen en kathedraaltorens, met de toren van de OLV kathedraal in Antwerpen als mooiste toren in de lage landen. U weet misschien dat na de Franse Revolutie de St.-Lambertuskathedraal van Luik afgebroken werd. Wist u dat de afbraak van de Antwerpse kathedraal ook op het programma stond? Gelukkig hebben enkele burgers opzettelijk getreuzeld.
  6. Onze abdijen, o.a. de Norbertijnerabdijen van Park, Averbode, Grimbergen en een relatief onbekende parel: de Abdijkerk van Ninove.

Er is waarschijnlijk nog veel meer, ook in recentere tijden, maar daarvoor heb ik suggesties van anderen nodig.

Foto1: Claudine Van Massenhove / Shutterstock.com
Foto 2:
©Wim Lahaye
Foto 3: ©Wim Lahaye


dinsdag 6 november 2018

De donkere kamer van Damokles


In zijn roman “De donkere kamer van Damokles” laat Willem Frederik Hermans zijn hoofdpersonage een heldhaftig leven leiden. Henri Osewoudt verlaat zijn dor bestaan in een sigarenwinkeltje en wordt verzetsheld. Op het einde van de oorlog, tevens het einde van zijn korte leven, blijkt alles op een niet-verifieerbare waarheid, wellicht een illusie, gebouwd te zijn. Zozeer zelfs, dat zijn heldhaftigheid even betekenisloos wordt als zijn saaie leven in het sigarenwinkeltje. Het is een typische gedachte van de Tweede Wereldoorlog. Het geweld van de oorlog vernietigde niet alleen huizen en mensen, maar ook ideeën. Alles waar een mens in kon geloven moest op de schop: politieke systemen, religies, ideologieën. Alles wat voor waar, goed en schoon aanzien wordt, blijkt dat niet te zijn, zelfs integendeel: iedere verering leidt onvermijdelijk naar destructie. Het is de centrale gedachte van het postmodernisme en in deze blog wil ik even stilstaan bij de betekenis van het postmodernisme vandaag.

In “De geschiedenis van de vooruitgang” wijst Rutger Bregman erop dat het postmodernisme nog steeds een dominante denkstroming is in onze maatschappij. Hij wijst ook op de pijnpunten. Ten eerste verdwijnt met alle geloof ook het geloof in de vooruitgang zelf en zoals we eerder al vaststelden: het geloof in vooruitgang is zelfbevestigend, maar het ongeloof is dat ook. Dat betekent dat als het postmodernisme ons verhindert te geloven in vooruitgang, dan zullen we ook werkelijk minder vooruitgang maken dan diegenen die zich de luxe van het postmodernisme niet kunnen veroorloven. Een ander probleem met postmodernisme is dat het ongelijke culturen gelijk behandelt, ook als er duidelijke verschillen zijn in de manier waarop culturen een plaats geven aan diversiteit in al haar vormen (nationaliteit, religie, geslacht, geaardheid, leeftijd en graad van fysieke en mentale gezondheid). Maar in onze postmoderne mainstream cultuur, is het bijna verboden te denken dat deze of gene cultuur meer geavanceerd kan zijn, ook al gebruiken we graag het criterium diversiteit. Het postmodernisme heeft niet kunnen vermijden dat we nu een aantal nieuwe heilige huisjes hebben.

Moet het postmodernisme dan ook maar op de schop, net zoals alle ideologieën die het zelf op de schop plaatste? Het postmodernisme heeft de verdienste dat het ons kritisch laat kijken naar al onze religies, gedachtestromingen en politieke systemen, zodat wij niet te snel in dweperij vervallen. Dat is gezond, want dweperij is ongezond. Als zodanig is een zeker postmodernisme heilzaam als grondstroom in de maatschappij. En toch moeten we nog zuurstof durven geven aan nieuwe ideeën als die zich aandienen.

De gezonde spanning tussen geloof en postmodernisme kwam ook al aan bod in mijn blog Sporen van geloof.

Foto uit eigen album: het Inntel hotel van Zaandam wordt beschouwd als een voorbeeld van postmoderne architectuur.

dinsdag 11 september 2018

Ode aan de architectuur (7) Barok



Ik heb lang gedacht dat ik bij mijn vorige 6 odes aan de architectuur zou blijven steken, omdat ik bijna geen foto’s bezat van barokke bouwwerken. Inderdaad zijn in onze Lage Landen de middeleeuwse bouwwerken talrijker. In Leuven hebben we wel de prachtige Sint-Michielskerk maar dat was toch te weinig om een volledige ode aan de architectuur te vullen. 

Mijn probleem was onmiddellijk opgelost toen we in dit barokjaar naar München trokken. München is werkelijk een barokke stad, wellicht omdat Beieren op zijn hoogtepunt was in de periode van de Contrareformatie, terwijl Vlaanderen toen op apegapen lag.

Loop je van de Karlsplatz naar de Marienplatz, dan kom je eerst bij de Bürgersaal. Vlakbij ligt de Michaelskerk van München die niet minder indrukwekkend is dan die van Leuven. Ze heeft naar verluidt het grootste tongewelf van alle bouwwerken ten noorden van de Alpen (foto hieronder).


Een absolute parel is de Asamkerk, die genoemd werd naar de gebroeders Asam die ze ontwierpen (eerste foto bovenaan). De barok is hier zo extreem uitgewerkt dat je als bezoeker niet meer goed weet waar je eerst moet kijken. Je verliest een beetje je oriëntatie en misschien was dat ook de bedoeling van de gebroeders Asam die de kerk bedachten. We zijn hier eigenlijk al in de rococo. Voor onze hedendaagse smaak voldoet deze stijl niet aan enig schoonheidsideaal, maar het blijft een boeiend schouwspel.

De St-Cajetanuskerk of Theatinerkirche op de Odeonsplatz mag je zeker ook niet missen.



In de rubriek burgerlijke gebouwen, kunnen we terugdenken aan het sprookjesachtige winterpaleis gebouwd door Rastrelli in Sint-Petersburg, een foto gemaakt op mijn eerste grote reis in de winter van 1981-1982.

dinsdag 17 april 2018

Ode aan de architectuur (6) Italië


Als God me zou vragen waar ik geboren wenste te worden, dan zou ik toch niet kiezen voor de Lage Landen, ondanks al het goede dat ik erover schreef in 'Ode aan de architectuur' aflevering (5) De Middeleeuwen. Het klimaat is hier gewoon te bar. Noord-Italië is een betere keuze. Ik zou vragen in Siëna geboren te worden. Rome, Napels en Florence zijn me een beetje te groot en te druk. 

Noord-Italië vertoont heel wat gelijkenissen met Vlaanderen. Talrijke kleine steden langs waterlopen in vruchtbare vlakten. Het is enerzijds een  ideale omgeving voor een grote welvaart en een rijke culturele ontwikkeling in tijden waarin platte rivierschepen de beste transportmiddelen waren. Anderzijds hebben die kleine stadsstaatjes altijd veel oorlog gevoerd en tot op de dag van vandaag blijven Noord-Italië en Vlaanderen politiek onbestuurbaar. Er zijn nog altijd teveel kandidaten voor de macht.


Maar in Siëna zou ik dus wel willen wonen. Vergelijk je de renaissance-kunst met de gotiek, dan besef je hoe groot de cultuurbreuk moet geweest zijn. Een renaissance-kathedraal lijkt wel de spot te drijven met een gotische kathedraal, zo opzettelijk anders is ze gemaakt. De groen-grijze marmerlijnen maken de kathedralen een beetje (pyjama-achtig) grotesk.

In Florence heb ik Brunelleschi's koepel van de Duomo (Santa Maria del Fiore) gezien en beklommen. Het is een uniek schouwspel.


Bij de wereldlijke gebouwen kunnen we het stadhuis (Palazzo dei Priori) van Perugia bewonderen.


In Italië heeft iedere steen die je omdraait, wel een historische waarde. Geen land is zo rijk aan cultureel erfgoed. Hopelijk wordt het toerisme geen kwaal, zoals eerder beschreven in de magie van plekken.

dinsdag 13 februari 2018

Ode aan de architectuur (5) De Middeleeuwen


De middeleeuwse architectuur zal me altijd het meest blijven boeien. Dat komt omdat ze in mijn bloed zit. Het Vlaamse land is inderdaad een land van kathedralen zoals Jacques Brel ooit zong.

Maar op het platteland vinden we nog andere schatten, meestal uit een vroeger tijdperk van de Middeleeuwen. Het platteland rond Leuven heeft nog heel wat authentieke romaanse kerkjes zoals hier de Sint-Pieterskerk in Bertem, één van de zuiverste voorbeelden en gelegen aan een geliefde fietsroute.


De romaanse kunst vertolkt als geen ander een gevoel van ingetogenheid. Dat uit zich bijvoorbeeld in de beeldhouwkunst, met de doopvont van de St. Bartholomeuskerk in Luik. Het uit zich bijvoorbeeld ook in de Gregoriaanse muziek, een andere hobby van me die in de Zwijger zeker nog aan bod zal komen.


Maar niets evenaart de gotische kathedralen in de lage landen, maar ook daarrond in Artesië en Picardië. Wist u dat de toren van de dom van Utrecht zichtbaar is op het Lam Gods van Jan Van Eyck? Ons landschap van kathedralen is op die manier een voorafbeelding van het hemelse Jeruzalem. Jammer dat we nog nauwelijks opkijken terwijl we ons haasten om offers te brengen aan onze nieuwe goden.


De middeleeuwse architectuur is natuurlijk een architectuur van kerken en kloosters. Maar we hebben wellicht ook de mooiste stadhuizen van de wereld.

dinsdag 14 november 2017

Ode aan de architectuur (4) Turkije


Turkije verdient een speciale vermelding in mijn reeks over architectuur. Enerzijds is Turkije een zeldzaam land waar zich zoveel Hellenistische en Romeinse sites bevinden die nog in redelijk goede staat zijn. Anderzijds heeft Turkije met Istanboel (Konstantinopel) een prachtige cultuurstad met een heel eigen architectuur die verschillende bloeiperiodes gekend heeft (Byzantijnse periode, Ottomaanse periode).

We bezochten Turkije in 1990 en reisden er als apostelen de ganse toenmalige Romeinse wereld door: Antalya, Hierapolis, Aphrodisias, Efeze, Priene, Milete, Didyma, Pergamon, Perge, Aspendos en Side. In geen enkel ander land zagen we zoveel tempels, theaters en arena’s in zo’n goede staat. Hierboven ziet u de Marmerstraat en de Celsusbibliotheek van Efeze, je kan er flaneren als een oude Romein. Ook de Arcadiana met het theater op de achtergrond (hieronder) geeft een idee van het belang dat deze stad ooit moet gehad hebben.


Istanboel staat nog steeds in mijn top 5 van bezochte wereldsteden. Dat komt door de unieke ligging aan de Bosporus maar ook door de unieke sfeer, de mix tussen Oost en West, op de grens tussen Europa en Azië. De Aya Sofia is een adembenemend Byzantijns bouwwerk, dat gebouwd werd in een periode waarin West-Europa in duisternis gehuld leek (maar het misschien niet helemaal was). De Blauwe Moskee behoort samen met de Süleymaniye Moskee tot de nalatenschap van de beroemde architect Sinan.



We bezochten ook merkwaardige monumenten zoals het uit puimsteenrots gehouwen kerkje van Göreme in Cappadocië, een merkwaardig restant van vroegchristelijke gemeenschappen in Klein-Azië.


Ik verwijs naar mijn vorige blog in de reeks “Ode aan de architectuur (3) Rome”. Wie de samenleving in Turkije wil leren kennen, kan “Dat vreemde in mijn hoofd” lezen.

dinsdag 3 oktober 2017

Ode aan de architectuur (3) Rome


Zoals eerder besproken in Ode aan de Bouwkunde, waren de Romeinen absolute grootmeesters. In deze blog verzamelde ik de beste foto's van mijn talrijke tochten door Romeinse ruïnes. Ruïnes? Eigenlijk is het merkwaardig hoe goed sommige gebouwen er nog uitzien na tweeduizend jaar. Neem nu het Pantheon. Het zou tot de bouw van de Santa Maria del Fiore (de Duomo van Florence) in 1434 de grootste koepel ter wereld gebleven zijn en het is nog altijd de grootste koepel uit ongewapend beton. 


Een ander fraai Romeins bouwwerk is de arena van Nîmes (Nemausus). Het is in bijna perfecte staat.


Maar mijn favoriete Romeinse stad is Trier, de oudste stad van Duitsland (samen met Worms). Aan het einde van de derde eeuw na Christus overvleugelde Trier zelfs het machtige Rome omdat de keizer besloot er te gaan wonen. Trier was dus ooit de belangrijkste stad ter wereld. De Porta Nigra is de best bewaarde stadspoort ten noorden van de Alpen en de Basilica van Constantijn is de grootste oud-Romeinse basiliek ter wereld.


U ziet: deze foto's zijn een verzameling best bewaarde foto's van best bewaarde gebouwen ter wereld, al kwam er soms een heropbouw bij te pas.

Deze blog is de derde in een reeks over architectuur. Egypte en Griekenland kwamen al aan de beurt.

dinsdag 19 september 2017

Ode aan de architectuur (2) Griekenland


Mijn reis naar Griekenland levert me twee interessante gedachten op. (Ik ga hier niet in op de verschillende bouwstijlen; die hebt u zelf wel op school geleerd.)

De zoektocht naar de ideale verhoudingen..de zogenaamde Gulden Snede. Hoe moet de verhouding tussen lengte en breedte zijn om een rechthoek 'volmaakt' qua verhouding te maken? Het is inderdaad een fascinerende gedachte. We weten dat Euclides deze verhouding kende. Maar waren de Oude Grieken er echt bewust mee bezig als ze tempels bouwden of is het een Hineininterpretierung van classici en romantici, als zij naar Griekse tempels keken?

Toch bestaat er zoiets als een ‘ideale’, zoniet een ‘mooie’ ongelijkheid, en die zou liggen bij (1+sqrt(5))/2=1,618.... , de limiet van de verhouding van opeenvolgende getallen in de rij van Fibonacci. Het is een mooi stukje wiskunde en het blijft een nuttige tip voor designers.


Een andere gedachte is dat het gebouw nooit los staat van zijn omgeving. De meest geslaagde architecturen zijn die waar het gebouw een unieke plaats vindt in het landschap. Dat is zo op de Acropolis, maar ook en vooral in Delphi. Maar de allermooiste plek in Griekenland is volgens mij de tempel van Poseidon in Sounion, op het meest zuidelijke puntje van het Attika schiereiland. De tempel is gericht naar de zuidelijke zee en lijkt op deze plek land en zee te verbinden. Vele mensen bezoeken deze tempel bij zonsopgang of zonsondergang. Deze plek kwam al eerder voor in mijn blog "The Style is the entire human Being".


Ik verwijs ook naar mijn blog: "De magie van plekken".

dinsdag 29 augustus 2017

Ode aan de architectuur (1) Egypte en Jordanië


Is architectuur wetenschap, techniek of kunst? Het is waarschijnlijk de mooiste combinatie ervan. Mijn oudste dochter wil het studeren. En natuurlijk kan een blog over architectuur hier niet ontbreken. Ik heb daarbij wel een luxeprobleem: ik heb teveel beeldmateriaal. Dat komt omdat ik op alle vroegere reizen veel oude monumenten gefotografeerd heb, en onlangs heb ik de moeite gedaan mijn dia's uit de jaren 1980-1990 te digitaliseren. Mijn reis door de architectuur zal dus in etappes moeten verlopen en vandaag beginnen we met Egypte en Jordanië.


Bij Egypte denkt iedereen spontaan aan de piramides en dat zijn natuurlijk unieke bouwwerken. Maar het is het tempelcomplex van Luxor en Karnak dat het meest indruk op me heeft gemaakt. Het bouwwerk is tegelijk imposant en gesofisticeerd, een zeldzame combinatie. Het lijkt soms meer door de goden dan voor de goden gemaakt te zijn. Hoe hebben de Egyptenaren dat gedaan? Ik kan het niet met zekerheid zeggen, maar in het woud van zuilen speelt een spel van licht en donker. Er is ook een merkwaardige afwisseling van voorhoven en zuilengalerijen als je door dit complex loopt. Maar dat zijn slechts indicaties voor de werkelijke ervaring.


Tijdens dezelfde reis in 1988 waren we ook naar Jordanië getrokken. De onvoorstelbaar grote bouwwerken van de Nabateeërs in Petra had ik al gezien in de boeken van Kuifje. Het merkwaardige is dat dit eigenlijk geen 'constructieve' bouwwerken zijn; het zijn bouwwerken die uit de rots gehouwen zijn. Het blijft raadselachtig hoe en waarom deze unieke site tot stand is gekomen.

Ik verwijs ook naar mijn blog: "Ode aan de bouwkunde".

dinsdag 29 september 2015

De moeilijke verhouding tussen cultuur en economie


Economisten en kunstenaars komen niet door dezelfde deur naar binnen. Kunstenaars begrijpen niet dat economisten willen besparen op kunst en cultuur, ze vinden het barbaars. Economisten begrijpen moeilijk dat wie iedere dag zijn hobby mag uitoefenen, daar ook nog voor betaald wil worden. Beiden hebben ongelijk.

De kunstenaars vergeten dat de ganse economie krimpt, en dat de cultuur dus ook moet krimpen. In een tijd waarin industrieën teloorgaan, arbeiders, bedienden en zelfstandigen hun werk verliezen, is het niet meer dan normaal dat ook kunstenaars hun baan zullen verliezen. De economisten vergeten dat ook cultuurproducten een toegevoegde waarde hebben en eigenlijk integraal deel uitmaken van het economisch productieproces, zelfs al is de waarde van het eindproduct niet altijd in cijfers te vatten. Je meet de waarde van een maatschappij niet alleen aan de uitgangen van fabriekshallen maar ook aan de uitgangen van kunstateliers.

In het verleden gingen cultuur en economie altijd hand in hand. De mooiste hoogtepunten in de architectuur, de schilderkunst, de beeldhouwkunst, de letteren en de muziek vonden plaats in tijden van economische bloei. De opbrengsten van de lakenhandel financierden ons Leuvense stadhuis, maar ze financierden ook het Laatste Avondmaal van Dirk Bouts en de muziekhandel van Phalesius. Wat deed men in een middeleeuwse stad als het enkele jaren bergaf ging met de economie? Men bouwde gewoon verder, maar men bouwde trager.

Ook vandaag zien we dat de cultuur bloeit waar de economie bloeit. Kunstenaars trekken naar plaatsen waar men hen waardeert. Maar als de economie achteruitgaat, gaan onvermijdelijk ook de kunsten achteruit. Een goed beleid bestaat erin het cultuurweefsel niet kapot te laten gaan, maar het langzamer te voeden. Alles moet dan kleiner, eenvoudiger en langzamer. En dat geldt dan eigenlijk voor alle sectoren van de economie.

Ik verwijs naar mijn blogs: econoshock 2.0, de nul-vertrouwen, nul-risico economie, 

Foto: gary yim / Shutterstock.com

zondag 23 maart 2014

De stijl is heel de mens

"De stijl is heel de mens" zou een uitspraak zijn van Buffon, maar de meeste Vlamingen kennen deze uitspraak van Willem Elsschot's inleiding op Kaas.

Maar wat is stijl eigenlijk? Stilus kan verwijzen naar het Romeinse schrijfinstrument, maar ook naar een verticale pijler, bv. aan de voorzijde van een gebouw. Je zou stijl kunnen definiëren als datgene wat aan de inhoud toegevoegd wordt om die inhoud mooi en aantrekkelijk te maken voor de medemens. Meteen is duidelijk dat stijl een extraatje is. Als de medemens of opdrachtgever alleen naar de inhoud kijkt, zal de stijl dunnetjes zijn, tenzij de maker van de inhoud er zelf een erezaak van maakt.

Stijl is enerzijds een aspect van de grote Cultuur: de architectuur, de schilderkunst, de beeldhouwkunst, de muziek, enzoverder. Zo was er bij de oude Grieken een Dorische en een Ionische bouwstijl. Maar stijl is ook een aspect van de kleine cultuur of levenskunst: de stijl van een gedekte tafel, de stijl van kledij, de stijl van het gezelschapsleven, de stijl van omgangsvormen, de stijl van een geschreven brief of van een stellingname op het internet. Kortom de levensstijl.

Terugkijkend naar het verleden en vergelijkend met het heden, kan men zich afvragen wat er met onze grote Cultuurstijl en met onze kleine cultuurstijl gebeurd is. Het is moeilijk een hedendaagse stijl te (h)erkennen. Stijl was vroeger een collectief gegeven en is nu hyper-individueel geworden. Onze tijd wordt dus gekenmerkt door een collectieve stijlloosheid en een individuele stijlvolheid. Maar misschien is dat ook wel een stijl.

Ik verwijs graag naar mijn vroegere blog "levensstijl" en naar mijn ongezouten verhandeling "de cultuur van de lelijkheid".

Willem de Styliet

zaterdag 24 augustus 2013

Kerk in opbouw

Deze vakantie bracht ik met mijn heilige familie een bezoek aan de kerk van de Heilige Familie in Barcelona. We waren er niet alleen. Voor de kerk stonden honderden kijklustigen geduldig aan te schuiven om een ingangsticket te bemachtigen, iets wat we aan de deuren van onze kerken niet meer gewend zijn. Ook al speelt hier een soort EuroDisney hype, de belangstelling is niet onterecht. Deze kerk is inderdaad uniek en adembenemend mooi, zowel aan de buitenkant als aan de binnenkant. De kathedraalbouw werd gewoon heruitgevonden. Hier komt de profetie van Antoni Gaudi in vervulling: “De hele wereld zal komen kijken wat we hier opgebouwd hebben”.

Ik deel graag verschillende bedenkingen bij het bezichtigen van dit monument. Vooreerst de context waarin deze kerk werd opgericht. Barcelona was welvarend en groeiend. Er ontstond een sterke burgerij met visie en grootse plannen. Er was ondernemerschap en durf. Het modernisme van Barcelona is opmerkelijk omdat het niet lijkt gericht te zijn tegen een grauw verleden maar voor een geweldige toekomst. Deze architectuur wil niet zozeer verneinen maar vernieuwen. Als alternatief voor de oude schoonheid komt geen nieuwe lelijkheid, maar een nieuwe schoonheid. Als alternatief voor een verstarde Kerk, komt geen seculiere staat maar een vernieuwde Kerk.

Tweede bedenking is dat christendom verweven is met kunst en cultuur en dat dit zo moet verdergaan, ook in de tegenwoordige tijd. Nu kan men terecht stellen dat de religieuze kunst al genoeg mensenoffers gekost heeft. De rijkdommen van de Kerk gingen ten koste van offers van velen. Moet men vandaag in een tijd van economische crisis nog peperdure gebouwen zetten voor een instituut dat al haar geloofwaardigheid verloren heeft? Inderdaad, de tering moet naar de nering gezet worden. Dat was vroeger ook zo. Maar ook in tijden van crisis zijn ambitieuze projecten nodig, al was het maar om teken van hoop en verbondenheid te zijn. En men kan gerust het jaarlijks budget voor de bouwwerken op een lager pitje zetten en wat meer geduld uitoefenen. Dat brengt me bij mijn derde bedenking.

Derde bedenking is de hoopgevende betekenis hiervan voor onze Kerk. Het modernisme is geen bedreiging maar een zegen. Men moet geloven in vooruitgang. Ik vind dat men de hijskranen naast dit gebouw moet laten staan. Ze symboliseren het feit dat het kerkwerk nooit af is. De Kerk, als onvolmaakt bouwwerk na de Toren van Babel, moet permanent vernieuwd en verbeterd worden op haar weg naar het Rijk Gods. Men heeft de Kerk onvoldoende als mensenwerk beschouwd. Men dacht dat het gebouw door God gemaakt was en daarom verviel het tot ruïne. Laat dat niet gebeuren met de Sagrada Familia. Ik verwijs graag naar mijn blog de ideale kerk.

Foto: Sagrada Familia kerk in opbouw te Barcelona 2013©Wim Lahaye

donderdag 2 februari 2012

Grand Hornu: geschiedenis of model voor de toekomst?


De mijnsite Grand-Hornu werd ontworpen volgens een totaalconcept over leven en werken. De mijnwerkers leefden er samen op wandelafstand van de mijn. De site bood alle dagelijkse functies: scholen, medische verzorging, winkels aan iedereen die er werkte. Voor veel mensen vandaag een horrorverhaal uit het verleden. Maar laten we even abstractie maken van de armoede die er ongetwijfeld heerste.

Misschien is het concept van Grand-Hornu lang niet zo gek. Want het vertrekt van een verstandige ruimtelijke ordening. Leven en werken horen bij elkaar, niet apart. Onze huidige ruimtelijke ordening is gebaseerd op het waanidee dat leven en werken gescheiden moeten worden. We willen in het weekend vooral geen collega's ontmoeten, alsof dat ons leven zou verbeteren. Maar wat sommige mensen elke morgen doen om op het werk te geraken, grenst werkelijk aan een horrorverhaal.

Vandaag betalen we een zeer hoge tol voor de ruimtelijke ordening die in de jaren '70 bedacht werd. Men heeft aan de randen van de steden allerlei industriële zones ingeplant waar overdag gewerkt wordt en die 's avonds verlaten zijn. Omgekeerd zijn de woonzones overdag verlaten. De her en der gevestigde industriezones palmen veel ruimte in en ze zijn volkomen onbereikbaar met de trein. Ze zijn ook moeilijk bereikbaar met de wagen omdat steeds dezelfde knooppunten overbelast zijn met autoverkeer.

Natuurlijk heeft het zin dat vervuilende industrie gescheiden wordt van woongebied. Maar bij ons in Leuven zijn 95% van de gevestigde bedrijven volkomen dienst-georiënteerd, en helemaal niet vervuilend. Ze kunnen perfect in woongebied ingeplant worden. Thuiswerk afgewisseld met kantoorwerk is ook zeer productief.

Het woon-werkverkeer zet een grote domper op onze welvaart en ons welzijn. Verder veroorzaakt het een enorme, nutteloze pollutie. Tenslotte kost het dubbel onderhoud aan wegen en infrastructuur. Laat ons werken en wonen terug bij elkaar brengen. Dat is gezinsvriendelijk en milieuvriendelijk.