Bij het opmaken van de staat van de natie bracht
de actualiteit inspiratie. Het ontslag eisen van een rector die een quote van
het Internet plukt? Velen schijnen dat vanzelf-sprekend te vinden. Ik kan daar
niet bij. Menen zij dat? Met welk gezag eisen zij dat? Dat van weldenkende
Internetgebruikers? Moet die grote ophef bij de eisers een compensatie vormen
voor hun gevoel van onbeduidendheid in de maatschappij? Of zijn
Vlamingen dan toch scherpslijpers, ook in andere domeinen dan taalgebruik? Alleszins
hebben sommige landgenoten een gebrek aan zelfrelativering en mededogen, en misschien ook wel aan humor.
In het Oude Testament dringen David en zijn
legeraanvoerder Abisai in het kamp van hun vijand Saul binnen, alwaar deze Saul
rustig in zijn tent ligt te slapen. Het is een uitgelezen kans! Abisai wil Saul
met diens speer in zijn slaap doden. Maar David heeft een beter idee. Hij
beslist Saul niet te doden en neemt diens speer uit de tent mee als bewijs dat
hij de kans gehad heeft om Saul te doden. Hij kroont zich daarmee tot morele
winnaar tegenover het leger van Saul. Het verhaal suggereert dat mededogen welgevallig is aan God.
In het Frans zegt
men: “Il ne faut pas pousser Bobonne dans les orties”. Wie in een kwetsbare positie staat of wie een openbare uitschuiver
maakt, moet je niet nog eens het beentje lichten. Een zonde tegen zwakke Bobonne
is een doodzonde tegenover God. Franciscus van Sales pleitte rond 1600 al voor
mildheid in de sociale media (er waren al pamfletten).
Mededogen is een woord dat in onbruik dreigde
te raken. Gelukkig hebben enkele medechristenen (o.a. Dirk De Wachter, Mieke Van Hecke) het woord opnieuw opgepikt om het terug de
aandacht te geven die het verdient. Maar we moeten natuurlijk rekening houden
met de
geringe maakbaarheid van de medemens.
(*) Zie ons doen
is ook zo’n staat van de natie.
Foto: Sint-Baafskathedraal van aan de Krook te Gent 9 juli
2025 ©Wim Lahaye
Geen opmerkingen:
Een reactie posten